donderdag 16 mei 2013

Sharing-A-History III - de installatie -

Tijdens ons verblijf in Semarang, eind 2006 waren we in contact gekomen met Ibu Inge Widjajanti Dharmowijono. Zij werkt als docente Nederlands aan diverse instellingen en heeft verschillende boeken uit het Nederlands vertaald, waaronder van Alfred Birney en Hella Haasse. We spraken onder andere over het vertalen en uitbrengen van Theo's boek ' Een broekzak vol rijst' in Indonesie en ook het voorgenomen boek 'Hollands Indonesie' kwam ter sprake. Als Neerlandica en cultuurliefhebster was ze uitgesproken geinteresseerd in onze bevindingen en verhalen juist over die beinvloeding.

Na onze terugkeer in Nederland hielden wij contact en zo ontstond er het idee om in Semarang een expositie te maken over de Nederlandse invloed in het hedendaagse Indonesie. Wat vanaf het begin af aan al duidelijk was, was dat de expositie als thema de acculturatie tussen Nederland en de diverse culturen van Nusantara zou hebben en dat taal een belangrijk onderdeel daarvan zou uitmaken.
Ideeen werden een concept en later een voorstel om samen te gaan werken met een galerie in Semarang in een soort 'Artist in recidency' programma. Dat wilde zeggen dat het werk ter plekke in Indonesie gemaakt zou gaan worden. De plannen werden geconcretiseerd en er werd besloten om de eerste maanden van 2009 wederom naar Indonesie af te reizen. Nu niet zozeer om een rondreis te maken en vrienden te bezoeken in de diverse steden en eilanden, maar om op een vaste standplaats te verblijven.


Begin 2009 vertrokken we naar Indonesie met de intentie om in Semarang onze residentie te nemen. Maar al snel na aankomst bleek dat de fasciliteiten, die ons ter beschikking zouden worden gesteld ter plekke, onvoldoende waren voor de situatie waarin Theo's gezondheid verkeerde. Daarop besloten we naar ons bekende en geliefde Yogyakarta terug te keren, waar veel van onze vrienden leven en waar we de weg goed kenden en waar Theo makkelijker uit de voeten kon. Yogya is na de eerste periode in Jakarta, altijd onze standplaats geweest. Het leven is er goedkoop, er is veel te doen op het gebied van kunsten en cultuur en het is een stad die makkelijk 'beloopbaar' is. In Yogya betekent dit: per becak, op de fiets of inderdaad te voet. Fietsen en lopen was voor Theo inmiddels uitgesloten. De becak daarentegen was Theo's lievelings vervoermiddel in Indonesie. De snelheid van verplaatsing geeft voldoende tijd om het leven dat langsglijdt, rustig te observeren. En elk gewenst moment kan er gestopt worden.

In de loop van de maanden januari tot en met maart werkte ik aan de creatie van een installatie die de titel Sharing-A-History zou krijgen. In de betekenis van het delen van geschiedenis en het delen van verhalen. Van het oorspronkelijke idee om een video installatie te maken, waarvoor ik de medewerking van tientallen Indonesiers nodig zou hebben, stapte ik snel af. Theo's conditie liet het niet toe dat ik regelmatig alleen op pad zou kunnen gaan. Daardoor ontstond er weer ruimte in mijn hoofd , ik accepteerde de ruimte die Theo's gezondheid mij bood en liet me meevoeren op wat mijn hart me ingaf en wat de situatie waarin ik me bevond me toestond te realiseren.  Ieder nadeel heeft zijn voordeel. Opnieuw werd ik gedwongen de wereld in mijn naaste omgeving te onderzoeken en te spiegelen.



De catalogus met al de van oorsprong Nederlandse woorden of woorden die via het Nederlands in het Indonesisch terecht waren gekomen liet ik door een vriendin op steekkaarten schrijven, waarmee ze een lening aan ons afbetaalde. Die catalogus was een van de werken die ik in Nederland al in gedachten had gemaakt. Het was het wetenschappelijk referentiekader tijdens de hele reis die we hadden afgelegd en moest het hart van de installatie vormen. 'Dead words, kata kata mati: science, ilmu' zou de titel van werk I worden.  Woorden, zonder betekenis, want zonder context. Maar zonder hen kunnen we niet communiceren en leven. Ze hebben ons leven en onze geschiedenis bepaald.
Ik gebruikte hiervoor een woordenlijst die Prof. Jan de Vries samen met Dr. Grijns van de Universiteit van Leiden had samen gesteld in een groot internationaal, linguistiek project dat uiteindelijk in 2008 in het boek ' Loanwords in Indonesian and Malay' onder redactie van Russell Jones werd uitgegeven door het KITLV en Yayasan Obor. Ik wist begin 2009 niet dat het resultaat van dit onderzoek inmiddels gepubliceerd was. Wij hadden Prof. de Vries geinterviewd voor de radiodocumentaire 'laat ons Nederlands spreken' die Theo en ik maakten voor de VARA in 1982.



Op de momenten dat Theo slecht was en niet alleen gelaten kon worden, begon ik op de pagina's uit de kranten, bijna uit verveling als Theo sliep en bij de ochtendthee, alle woorden die ik tegen kwam, die van oorsprong Nederlands zijn met een stabilo te markeren. Daardoor kwamen de woorden tot leven en kregen ze betekenis door de context waarin ze stonden. Werk II noemde ik 'Living words, kata kata hidup'



Taal is overal om ons heen. Tijdens de  ritjes die we per becak in Yogya maakten begon ik fanatiek naar van oorsprong Nederlandse woorden langs de kant van de weg te zoeken. Op de momenten dat Theo vergezeld werd door vrienden wiens hulp ik had ingeroepen, ging ik op pad om de woorden te fotograferen op plaatsen dicht bij het hotel. Het waren er veel, heel veel. Op bijna ieder spandoek, uithangbord, ieder gebouw en iedere verkiezingsattribuut (het was de vooravond van de verkiezingen) kwam ik ze tegen. Tientallen... honderden fotografeerde ik er. Minder formeel gebruik als in kranten. Alledaagse woorden, die door iedereen begrepen en gebruikt worden. Dichter bij huis kon niet. In de installatie maakte ik er een collage van, waabij ik op kleur en betekenis associeerde. Werk III kreeg de titel 'Everyday words, kata sehari hari'.

Werk IV kreeg als titel 'World of words, dunia kata kata'. Het is een alfabet van foto's die ieder een wereld van invloed in de Indonesische cultuur en samenleving bloot leggen. Van architectuur, bikkelen en cheque tot thee, uniform en zakelijk. Ook dit werk had ik in Nederland al voorbereid.
Zo bleven er twee werken uit het oorspronkelijke idee voor de installatie bestaan en werden er door de omstandigheden drie nieuwe werken gecreeerd, die uiteindelijk onmisbaar werden in het verhaal dat ik wilde vertellen.


 A = Arsitektur


                                                                  G= Gladiol = flora




                                  S = Sepur = infrastructuur: wegen, waterwerken, spoorwegen

En ten slotte ruim 400 jaar geschiedenis van het moderne Indonesie, dat door de  Nederlandse aanwezigheid sterk is beinvloed. 400 jaar lief en leed in een associatief woordenwerk. Werk V kreeg de titel 'Meaningful words, kata kata berarti'. In het hart van het werk loopt een soort ruggegraad waar in 26 woorden die hele geschiedenis wordt vertelt. Daarom heen ca. 270 woorden die ik links en rechts associeer met het tijdperk in de geschiedenis dat het ene woord uit de ruggegraat vertegenwoordigt. Het loopt van Feodalisme, eksplorasi, kompeni via kolonialisme, revolusi etc., reformasi, demokrasi, etc. tot uiteindelijk globalisme, komunikasi en optimisme.




De installatie is uiteindelijk niet in de galerie in Semarang terecht gekomen. De eigenaar trok zich twee weken voor de opening om onduidelijke redenen terug. Uiteindelijk was het weer een zegen. Alles heeft twee zijden: een lichte en een duistere. 'Elk nadeel heb zijn voordeel' en omgekeerd.
Na van de schrik te zijn bekomen, lukte het me om op zo'n korte termijn nog een galerie/expositieruimte te vinden die nog ruimte in het programma had.


Met de hulp van onze protege Ficky (rechts) kwamen we bij Ruang Seni Arslonga terecht. Mas Enjun (links) was enthousiast over het idee en er werd besloten om op 10 april te openen. In twee weken tijd werden de foto's afgedrukt, de uitnodigingen gemaakt, persberichten verstuurd, een moderator voor de discussie en een geschikt persoon om de expositie te openen gezocht.



Op 6, 7 en 8 april werd de expositie ingericht. Theo kwam iedere dag even kijken hoe het vorderde. Drie van de vijf werken werden ter plekke gecreeerd.
Krantenpagina's en de honderden woorden voor werk V werden al componerend en associerend aan de muren van de galerie gehecht en tientallen fototjes stuk voor stuk op panelen geplakt voor de collages van werk III. 
Ik gebruikte de indeling van de drie verschillende ruimten van het traditionele Javaanse huis, dat binnen de muren van de Benteng (kasteel om het paleis van de sultan) ligt, als de plattegrond van een tempel op Midden Java.
Kranten werden reliefs aan de buitenmuren. De fotocollages een soort toegangspoorten tot de middenruimte waar het fotoalfabet hing, met daarachter de catalogus en het woordenwerk in het heiligdom. Het verhaal was te lezen als bij de tempels.


Met de hulp van een vijftal jongeren werd de installatie voltooid op de late avond van de 8e april. In de middag van die dag was er een persontvangst en later bleek wat die had opgeleverd. Een paar artikelen in (regionale en nationale) kranten en twee prachtige recenties in kunsttijdschriften. Een droomdebuut als 'beeldend verteller', een hele galerie voor mij alleen en goede pers. Ik had me geen mooier begin van een carriere kunnen voorstellen.

Op 10 april werd de tentoonstelling geopend door historicus Dr. Sri Marganda en de discussie na opening werd geleid door cultuurkenner Kusen Alipah Hadi. Ficky trad op met een stuk pantomime en vriend Tata speelde jembe.




wordt vervolgd

donderdag 2 mei 2013

Sharing-A-History II - Intermezzo -

In de jaren dat Theo ziek was en we noodgedwongen het grootste gedeelte van de tijd in Nederland en ook nog voornamelijk thuis verbleven, was het of mijn hele wereld instortte.
Twintig jaar lang hadden we samen gereisd door delen van Europa, Zuidoost Azie en vooral in Indonesie. Nooit had ik erover nagedacht dat er een dag zou komen dat dat zou kunnen stoppen.
En dan ineens, vrijwel van de ene op de andere dag hield het in 1998 op. Het bedrijf dat we in die jaren hadden opgebouwd lag door de samenloop der omstandigheden binnen een jaar op apegapen.
Indonesie verkeerde in crisis en thuis was het niet anders. Twee werknemers moesten worden ontslagen en de zes grote projecten die liepen waaronder het boek Hollands Indonesie werden afgezegd en het materiaal dat we verzameld hadden verdween in de archieven.


Theo had in de jaren dat hij ziek was behoefte aan intensieve verzorging en na een jaar in mijn eentje zowel het bedrijf als het huishouden en zijn verzorging geprobeerd hebben te combineren, gooide ik de handdoek in de ring. Dit was onmogelijk. Gelukkig werd het Persoons Gebonden Budget ingevoerd en kreeg Theo de keuze om zelf verzorgers te zoeken. Die keuze was niet zo moeilijk. Van 2000 tot zijn overlijden in 2009 was ik naast zijn partner ook zijn verpleger en verzorger.
Na een lang mentaal gevecht gaf ik me over. Ik accepteerde de situatie zoals die was en wist dat reizen voor ons niet meer dan een ritje naar de huisarts, het ziekenhuis, de therapeut in Meyel of Rotterdam of naar het centrum van Tilburg zou zijn. Ik legde me neer bij het feit dat onze wereld ineen gekrompen was tot de grenzen van Theo's energieniveau... en die grenzen lagen zeer dichtbij.

Maar door het loslaten van wat eens was, ontstond er weer ruimte. Als Theo sliep, las ik veel die eerste tijd. Als hij wakker was spraken we over wat we gezien en geleerd hadden. We spraken over hoe je culturele achtergrond je taal beinvloed en leerden het verschil ontdekken tussen cultuur en karakter. Youssef was een goede gesprekspartner in deze.
Eindelijk was er ook tijd voor reflectie, iets dat Theo en ik vele jaren ontbeerd hadden.
We spraken over wat ziekte met je doet, over beperkingen in ruimte, maar niet in tijd. Over spiritualiteit en wat er zou zijn nadat we zouden overlijden.
De reizen gingen niet langer meer naar buiten, maar we begonnen naar binnen te reizen. We werden ons weer bewust van het wisselen van de vier seizoenen, iets dat we ons door de vele reizen naar het Oosten nauwelijks meer bewust waren. En daardoor van de levenscyclus: geboorte, leven, verval, dood, wedergeboorte, leven, verval, dood, wedergeboorte..... God de vader, God de zoon, God de heilige geest.... Brahma, Vishnu, Shiva... alles dat we in theorie hadden geleerd in Oost en West, werd nu dagelijkse praktijk.


Door de onmogelijkheid om fysiek te reizen begon ik imaginaire reizen te maken. Ik herinnerde me een column van vriend Ed Schilders in De Volkskrant over het boek 'Voyage autour de ma chambre', in 1790 geschreven door Xavier de Maistre, vond het boek via internet, kocht het en las het. Het was een feest der herkenning.


Ik begon bewust te reizen in de huiskamer, door de andere kamers van het huis, op het balkon en de gallerij en legde mijn reizen vast in foto's, net zoals ik al die jaren daarvoor had gedaan. Langzaam vond er een omslag plaats van documentair journalistiek werk naar  documentair beeldend werk. Langzaam begon de verbeelding in al haar vormen wortel te schieten in mijn leven en veranderde mijn beeldtaal. Ik begon vanuit mijn hart te fotograferen en niet meer vanuit mijn hoofd. De foto's die ik maakte dienden geen enkel ander doel meer, dan te verbeelden wat in mij leefde... geen illustraties meer bij artikelen, geen visualisaties van de verhalen die ik vertelde tijdens de cursussen die ik gaf. Iets naar buiten brengen dat in mijzelf leefde.
Ik reisde door de jungle... door de woestijn... maakte kennis met andere culturen.... de hele wereld was aanwezig in mijn huis.






Voor het eerst in mijn leven kreeg de verbeelding ruim baan, zonder dat er een opdracht aan verbonden was. Zonder dat het ten dienste stond van iets anders. Het stond op zichzelf. Het was autonoom. Ik ervoer een vrijheid die ik nooit eerder had gekend. Dit smaakte naar meer.
En ik begon dat meer te beschrijven in notitieboekjes. Ik begon mijn verzameldrift van nutteloze dingen te begrijpen. Alles begon op zijn plaats te vallen. De verhalen die in mij sluimerden, soms al jaren lang, begonnen zichtbaar te worden.
Wat als ik met al die jarenlang verzamelde lege pillenstrips van Theo een verhaal kan vertellen dat verder reikt dan het dagelijkse. Ik noteerde in mijn notitieboekje dat ik onze oude auto ermee kon pimpen. Maakte een tekeningetje van hoe het eruit zou kunnen zien. Het was bijna tastbaar. Het bestond al in mijn verbeelding, alleen voor de uitvoering had ik geen tijd, geen mogelijkheid, geen ruimte in mijn appartement en in mijn hoofd. Het duurde tot een jaar na Theo's overlijden in 2010 dat ik begon met het vertellen van het verhaal van Theo's ziekte.


'Bling Bling, three years of swallowing...' was het resultaat. Een verhaal over de schijnbare maakbaarheid wereld, ziekte, (beperkte)mobiliteit, de schaduwzijde van medicatie, de farmaceurtische industrie en een samenleving die niet meer lijkt te willen genezen, maar alleen maar symptomen bestrijdt. Alles is uiterlijk. Alles moet snel, instant, meer. Niets lijkt er meer te bestaan onder die blinkende, glinsterende buitenkant van ons bestaan. 

Maar voordat ik Bling Bling kon maken, was er nog het verhaal Hollands Indonesie, dat al bijna 10 jaar lang in onze archieven en in mijn verbeelding leefde. Na jarenlang het reizen naar Indonesie, Theo's moederland, als onmogelijk te hebben gehouden, hebben we alles op alles gezet om Theo in een conditie te krijgen om wederom naar Indonesie te kunnen gaan. Het land waar zijn wortels en waar zijn hart lag. Eind 2006 gingen we er weer voor het eerst sinds bijna een decennium heen. De eerste van meer reizen of een afscheidsreis?.... want toen Theo in 1997 ziek werd in Indonesie, had hij geen afscheid kunnen nemen van vrienden en familie. Twee maanden verbleven we op Bali en Java en ontmoetten onze vrienden en het leek erop dat het voor herhaling vatbaar was. Ook het verlangen om er weer te werken, te creeren, samen te werken kwam terug. En toen kwam Hollands Indonesie weer bij me boven water. Contacten werden gelegd en mijn wens werd uitgesproken om in Indonesie de andere kant van het verhaal over kolonisatie, imperialisme, oorlog en bezetting te vertellen. Een verhaal van acculturatie dat plaats heeft gevonden tussen de culturen van de eilanden van Nusantara en Nederland en zo ontstond Sharing-A-History.

Wordt vervolgd.